Welkom op de website van Goulmy & Baar

artikel1_2artikel1_2

Ergens in het begin van de jaren tachtig raakt Paul Goulmy (1946-2022) begeesterd van een bijzonder gebouw aan de Boschdijkstraat in ’s-Hertogenbosch. Het is een oude sigarenfabriek die er dan verwaarloosd bij ligt. ‘Hier moet iets aan gebeuren’, denkt Paul Goulmy en hij voegt de daad bij het woord. Paul is een gedreven man en niet voor niets achterkleinzoon van Eugène Goulmy (1865-1951), overgrootvader, ondernemer in sigaren en ontwerper van het gebouw.

Eugène Goulmy was klein van stuk maar als ondernemer dacht hij: ‘mijn onderneming moet veel groter worden dan ikzelf.’ Met die drijfveer werd hij hofleverancier in Nederland en in Servië, hij exporteerde naar China, Rusland, Oostenrijk-Hongarije, Duitsland en Scandinavië. Kortom, zijn zakelijk succes kende geen grenzen. Op het hoogtepunt in 1914 is zijn fabriek in ’s-Hertogenbosch, onder de firmanaam Goulmy & Baar, de grootste van het land met meer dan 600 werknemers. En dan beschikt hij ook nog over een grote sigarenfabriek aan het Amsterdamse Rokin.

Het kan niet op, moet hij wel eens gedacht hebben. Maar… het succes van vandaag is de vijand van morgen. Op een bepaald moment ging het ook helemaal mis. Dat is in 1929. Vandaag de dag staat het fabrieksgebouw dat Pauls overgrootvader liet ontwerpen bekend als de ‘Willem II-fabriek’. Maar een fabriek is het al lang niet meer. Het is voortaan een centrum voor muziek en beeldende kunst.

Als erflater was Paul nieuwsgierig naar een antwoord op alle vragen die hij zichzelf stelde over het ondernemerschap van zijn overgrootvader. Wat was het karakter van zijn overgrootvader? Wie waren zijn voorouders? Waar haalde hij zijn creativiteit en ondernemerschap vandaan? Wat maakte hem zo succesvol? Heb ik iets van hem meegekregen? Maar ook… wat leidde tot zijn teleurstellingen en uiteindelijke neergang?

Historische vergissing

Eén ding wist Paul zeker, de naam ‘Willem II fabriek’ klopt niet. Zijn overgrootvader, en in diens kielzog Rudolf Baar, gaven de stad een mooi fabrieksgebouw, erkend als rijksmonument en nu cultuurfabriek en creatieve broedplaats. Tientallen jaren lang prijkte slechts de naam ‘Willem II’ op de gevel. Een historische vergissing dus. Welnu, de naam Goulmy & Baar is terug op de gevel aan de spoorzijde van het gebouw in ’s-Hertogenbosch. Dat is één stap. Maar er moet meer gebeuren om een historische vergissing recht te zetten. De naam Goulmy & Baar moet nog veel prominenter in beeld komen. Vandaar deze website die het verhaal van Pauls overgrootvader en zijn voorgeslacht vertelt.

Heb ik iets van hem meegenomen of gekregen?

Pauls zoektocht duurde meer dan 40 jaar. Hij woonde in Bilthoven maar groeide uit tot een bekende ‘Bosschenaar’ omdat daar nu eenmaal dat ‘chateau d’industrie’ nog steeds staat. Paul kreeg er geen stadspenning voor, hij werd op een andere manier vereeuwigd in wat eens de fabriek van ‘Goellemie’ was. Paul kreeg zijn eigen fresco. In de fabriekstoren klimt Paul voor altijd langs de wand omhoog, op weg naar de bedrijfshal. Een ding wilde Paul de bezoeker graag nalaten: Wij kunnen wel denken dat we vandaag alleen maar méér weten dan vroeger, we zijn ook heel veel vergéten! En dan was er nog zo’n terugkerende uitspraak van Paul: ‘Tjonge… jonge…jonge… hij deed het toch maar!’ Dan sprak Paul over zijn overgrootvader. De verhalen op deze website leggen getuigenis af van Pauls zoektocht naar wat er allemaal achter de sigaren van ‘Goellemie’ zat.

artikel1_3